Thursday, November 09, 2006

Vrolijke nachtmerrie

Ik heb hem eindelijk gezien: The Nightmare before Christmas, de animatiefilm op basis van een verhaal van Tim Burton en de voorloper van The Corpse Bride. En de film bleek toch heel anders dan ik me had voorgesteld. Ik had er namelijk al veel over gehoord en ik kreeg het idee dat het veel meer over kerst zou gaan. Dus ik kwam toch voor aangename verrassingen te staan en ging een paar keer verrast rechtop zitten: whoah! Doen ze dat echt? Op de arreslee schieten met luchtafweergeschut?
Laten we eerlijk zijn: de film is dertien jaar oud, gemaakt voor de eerste computeranimatiefilms als Toy Story, en dat is te zien. De bewegingen zijn niet zo soepel als in The Corpse Bride, en je ziet de naden soms zitten. Maar aan de andere kant schept de vloeiende combinatie van poppen, tekenfilm en echte decors uiteindelijk een uitermate overtuigende wereld. Zo is de hulsttak die onder de microscoop gelegd wordt een echte hulsttak en geen glad en gelikt stukje computervakwerk. Trouwens, de vindingrijkheid en creativiteit in deze film houdt je teveel bezig om gericht te zijn op de kwaliteit van de animatie, net als de energieke en humoristische liedjes, die als in een musical voorbij glijden.
Alle beelden in de film zijn ontsproten aan de geest van Tim Burton (en na films als Edward Scissorhands en Sjakie en de Chocoladefabriek weten we een beetje hoe die werkt: weird...). Dat wil dus zeggen: een fascinatie voor het bizarre en het gruwelijke, maar gekoppeld met een kinderlijk enthousiasme en gevoeligheid. Het is ook tekenend dat Burton geen horrorfilms maakt, maar wel films over de meer duistere kant van het leven. In zijn bespreking van de film schrijft mijn favoriete filmrecensent het volgende over het belang van dit type verhalen: "Deze film bevat de beste variant van de geest van Halloween: een soort van satirisch verzet. "De duivel," deelt St. Thomas More ons mee, "die trotse geest... kan het niet verdragen als men de spot met hem drijft." Goed bekeken is de uitgeholde pompoen, of het monstermasker van een kind, zoals een groteske waterspuwer op een gothische kathedraal, niet een concessie aan bijgeloof, maar een ontkenning ervan: het laat zien dat we niet bang meer zijn. Het verheerlijkt niet het kwaad, maar maakt er een karikatuur van en wijst op die manier op een bedekte manier juist naar het goede en het ware."
Dus moet je wel glimlachen bij scénes uit deze film: een spookachtige hond, een burgemeester met twee gezichten, een sirene met kattengejank, een gestoorde professor die zijn hersenen krabt en een orkest van zombies die op de achtergrond de filmmuziek meespeelt. Erg humoristisch. Alleen 'Oogie Boogie' is echt kwaadaardig en met hem wordt ook grondig afgerekend.
De hoofdpersoon van het verhaal is Jack Skellington. Ontevreden met de sleur van het jaarlijkse Halloween trekt hij de wereld in. Daar ontdekt hij het bestaan van kerst. De kleurrijke, levendige gewoonten van Kerst fascineren hem. Hij ziet er iets in wat hijzelf mist. Vervolgens onderwerpt hij kerst aan een grondig wetenschappelijk onderzoek. De film laat heel mooi zien dat het reductionisme, dat vaak een kenmerk is van de westerse wetenschap, niet in staat is het eigenlijke van kerstmis te onthullen. De kerstgeest is niet te vinden in de watten van een teddybeer, of in de kleuren van een zuurstok, of in een ingewikkelde natuurkundige formule. "Interessant," zegt Jack na een nieuw experiment, "maar wat betekent het?"
Vervolgens probeert hij achter de betekenis van Kerst te komen door te leven als de kerstman. Zonder echt te weten wat Kerstmis is, doet hij alsof. Met desastreuze gevolgen. Hij komt tot zichzelf in de uitgestoken armen van een engel, die een geopend boek vasthouden. (Interessante beeldtaal.)
Helemaal aan het eind blijkt dat je de kerstgeest kunt begrijpen, niet door het te onderzoeken of te doen alsof, maar door het te ervaren.
Zo is het volgens mij met meer in het leven. Misschien ook wel met God.

(Nog een artikel van bovengenoemde filmrecensent over de betekenis van horror. Erg fascinerend!)

[I finally saw it: The Nightmare before Christmas, the animationfilm based on a story by Tim Burton and the predecessor to The Corpse Bride. And the movie turned out to be different than I imagined. I had heard a lot about it and I had the idea christmas would be more central. So I had some nice surprises and bolted upright a couple of times while viewing it: Whoa! Do they really do that? Shooting the sledge with anti-plane guns?
Okay, let's be honest. The movie is thirteen years old, made befor the first Computergenerated movies like Toy Story, and it can be seen. The movements in this movie are not as fluid as in The Corpse Bride, and you can spot the seams. But on the other hand the seamless combination of puppets, handdrawn animation and real backgrounds makes for an utterly convincing world. The leafs studies by microscope are real leafs and no spotless imitation by computer. Still, the inventiveness and creativity in this movie will occupy you so much you won't pay attention to the quality of animation, and the same is true for the energetic and humoristic songs that make it a musical.
All images in the movie are derived from the mind of Tim Burton (and after movies like Edward Scissorhands and Charlie and the Chocolate factory we know a bit of what makes him tick: weirdness...). It means a fascination with the bizarre and the grotesque, but coupled with a childlike enthousiasm and tenderness. I think it's meaningfull that Burton so far hasn't made real horror, but movies about the dark side of life.
In his review of the movie my favorite critic writes the following on the importance of these kinds of stories: "They contain the best sort of Halloween spirit: a kind of satiric defiance. "The devil," St. Thomas More tells us, "the prowde spirit… cannot endure to be mocked." Properly viewed, a jack-o’lantern or a child’s monster mask, like a Gothic grotesque, is not a concession to superstition, but a dismissal of it: It proclaims that we are not afraid. Far from glorifying evil, it caricatures it in such a way as to pay oblique tribute to the straight and true."
So you just have to smile seeing this movie: a ghostly dog, a mayor with two faces, a siren sounding like a cat, a mad professor scratching his brains and an orchestra of zombies playing the background music. Very funny. Only 'Oogy Boogy' is really evil and he gets what's coming to him.
The protagonist in this story is Jack Skellington. Bored with the yearly routine of Halloween he sets out into his world. There he discovers the existence of christmas. He's fascinated with the colourful, lively habits of christmas, finding in them something he himself is missing. So before you know it he is starting a fullblown scientific exploration. Very interesting: the movie shows how reductionism, often a staple of modern western science, is not able to reveal the essence of christmas. The christmas spirit can not be found in the innards of a teddybear, in the colors of a candybar or in a complex formula. "Interesting," Jack remarks after a new experiment, "but what does it mean?"
Next he triest to discern the meaning of christmas by living like santa clause. Without really understanding what christmas is, he just pretends. With disastrous consequences. He comes to himself in the outstretched arms of an angel, carrying an open book (interesting imagery).
At the end of the movie it turns out one cannot understand the spirit of christmas by research or by pretending, but only by experiencing it.
I think that's true for more things in life. Maybe it's true of our belief in God.

(Another article by the critic I mentioned about the purpose of horror. Fascinating!)

No comments: